30 maart 2008

Cuba 2008

Vorig jaar tijdens onze reis naar Peru hebben we geen blog bijgehouden, en ook het jaar daarvoor hebben we het niet helemaal tot het einde van de reis volgehouden. Dit jaar wil ik toch eens een nieuwe poging wagen.

We hebben dit jaar een reis naar Cuba geboekt. Ja, inderdaad, daar zijn we al eerder geweest (in 2001 om precies te zijn) maar we vonden het een geweldig eiland waar we nog wel eens een keer naar terug wilden.

We hebben bij Baobab een Cuba-rondreis van 22 dagen gevonden die de reis die we eerder hebben gemaakt maar voor een klein deel overlapt. Veel nieuwe indrukken dus om ons op te verheugen.

Begin februari hebben we deze reis geboekt. Op dat moment hadden zich 15 mensen ingeschreven voor deze reis. Op 21 februari ontvingen wij van Baobab een e-mail met daarin o.a. het volgende:
Air France, de luchtvaartmaatschappij die uw groep naar Cuba zou vervoeren, heeft ons laten weten de door ons aangevraagde tijden niet te kunnen bevestigen. Vervolgens hebben wij ons uiterste best gedaan om op dezelfde datum stoelen bij een andere luchtvaartmaatschappij te boeken. Dit is echter niet gelukt, waardoor wij de vertrekdatum van uw reis hebben moeten verzetten.

U vertrekt alsnog met dezelfde vluchten van Air France, maar nu op 17 juli. De exacte vluchtinformatie zullen wij u later doen toekomen. Ondanks deze vluchtwijziging is de lengte van uw reis onveranderd (22 dagen), waardoor u nu op 7 augustus terugkomt in Nederland. Ook zal dit alles geen invloed hebben op het karakter van de reis.
Gelukkig levert dat voor ons geen problemen op. Voor enkele anderen blijkbaar wel, want het aantal deelnemers is wat afgenomen. Op het moment dat ik dit schrijf is het aantal deelnemers 12, keurig verdeeld over 6 mannen en 6 vrouwen (5 koppels van 1 man en 1 vrouw, en een single vrouw en een single man). Wat mij betreft mag dat zo blijven! : genoeg om te vertrekken (min. 10 personen), maar toch een lekker klein groepje.


We zijn zo langzamerhand al weer met de voorbereiding begonnen. Ik heb inmiddels het boekje "Te gast in Cuba" gelezen, en begin al weer een beetje in de stemming te komen.

31 juli 2006

Hue - Phnom Penh

De schuin gedrukte tekst is uit de reisbeschrijving van Baobab, de overige tekst onze eigen ervaringen.

Dag 14 Hue, vrije dag
Van 1802 tot 1945 was Hue de residentie van de Nguyen-dynastie. De belangrijkste bezienswaardigheid van Hue is de ‘Verboden Purperen Stad’, de verlaten, ommuurde keizerstad van de Nguyen-dynastie tijdens het vroegere Indochina. Tijdens het grote Tet-offensief van de Noord-Vietnamezen en de Vietcong in 1968 werden grote delen ernstig beschadigd. Desondanks is het complex, waarvan enkele delen weer zijn hersteld, zeer het bezichtigen waard. In de omgeving van Hue bevinden zich de graftombes van de keizers uit de Nguyen-dynastie. Je kunt een boottocht maken over de ‘Welriekende Rivier’ om de beroemde Thien Mu-pagode en enkele van de prachtig gelegen keizersgraven te bekijken.

De afgelopen dagen hebben we niet veel tijd gehad om te internetten. Bovendien zijn de computers hier erg traag. Foto's uploaden zit er dus niet in. We zullen het verhaal hier ook een beetje inkorten en later thuis wel aanvullen. We gaan er nu een beetje in vogelvlucht doorheen.

Dag 15 Hue - Hoi An Op weg naar Hoi An passeer je de Hai Van-pas, wat schitterende vergezichten oplevert. Dit is een van de mooiste stukken kust van Zuidoost Azië. Prachtige verlaten stranden, kleine eilanden voor de kust en veel vissersdorpjes trekken aan je oog voorbij. Je arriveert vroeg in de middag in Hoi An, het voormalige Faifo. Dit was in vorige eeuwen een van de drukste havensteden van Zuidoost-Azië. Het oude stadje is pittoresk en wordt door veel reizigers als een van de sfeervolste en leukste plaatsen van Vietnam ervaren. Talrijke oude, vaak houten huizen en historische gebouwen getuigen van het rijke verleden. Enkele van de oude Chinese huizen zijn geopend voor bezoekers. De inrichting van deze huizen ziet er nog hetzelfde uit als eeuwen geleden. Ook een aantal oude Chinese tempels is nog steeds in gebruik. In Hoi An kun je ook bij één van de vele kledingwinkeltjes je eigen nieuwe kleding op maat laten maken. Vinh Hung Hotel II of III: http://www.vietnamstay.com/hotel/vinhhung2/ http://www.hoteltravel.com/vietnam/hoi_an/vinh_hung2.htm http://www.hotels-in-vietnam.com/hotels/Hoian/vinhhung3hotel.html
Dag 16 Hoi An, vrije dag Als rechtgeaarde havenstad mag Hoi An bogen op een zeer levendige vismarkt, waar je de meest exotische vissoorten ziet. Wie wil kan een kort boottochtje maken op de rivier. Maar Hoi An heeft ook een heerlijk rustig tropisch wit zandstrand, en dit is de uitgelezen gelegenheid om te luieren onder de tropenzon of een duik te nemen in het heerlijke warme water.

Vanuit Hue zijn we naar Hoi An gereist. De oude binnenstad staat op de Werelderfgoedlijst van Unesco. Het stadje is zeer de moeite waard. De meeste mensen van de groep hebben hier kleren en/of schoenen laten maken. Voor weinig geld heb je hier kleding van goede kwaliteit op maat gemaakt. Ik heb er en overhemd gekocht van zijde met katoen, Carina heeft een chique ruwzijden jasje gescoord (cyclaamkleurig): erg mooi. Ze hadden het niet in de juist maat dus werd het binnen 24 uur op maat gemaakt.

Dag 17 Hoi An – nachttrein naar Ho Chi Minh City, via Danang Vandaag is een echte reisdag. Als de tijd het toelaat breng je nog een bezoek aan Cham-museum uit de hoogstaande cultuur van de Cham, die zijn hoogtepunt kende van de 4e tot aan de 13e eeuw. Hierna brengt de bus je naar Danang, waar je op de trein naar Ho Chi Minh City stapt. Vanuit de trein heb je een mooi uitzicht over het land en zie je af en toe de kust. Om comfortabel te kunnen reizen maak je gebruik van gereserveerde zogenaamde ‘soft sleepers’. Dit zijn ruime vierpersoons slaapcoupés. Voor een onderlaken en kussen wordt gezorgd. Neem zelf een lakenzak mee. Vannacht zul je in slaap vallen met het geronk van de trein op de achtergrond.

Vanuit Hoi An een stukje terug naar Da Nang om daar de trein te pakken naar Ho Chi Minh City (Saigon). Vertrek ca. 13.00, aankomst ca. 06.00 uur. In een coupé met z'n vieren rustig naar Saigon boemelen.

Dag 18-19 Ho Chi Minh City, vrije dagen, fac. exc. Tay Ninh en Cu Chi-tunnels Na aankomst op het station van Ho Chi Minh City, vroeger bekend als Saigon, word je per bus naar het hotel gebracht. Dit ligt middenin het centrum en is een goede uitvalsbasis om de stad te verkennen. Hier regel je via de reisbegeleider je visum voor Cambodja. Ho Chi Minh City is een moderne stad met veel Europese restaurantjes en prachtige winkels. Er is echter ook de oude, bruisende Chinese wijk, Cholon. Een bezoek aan deze wijk, bijvoorbeeld met een stadstour, is bijzonder aan te raden. Bekijk hier vooral een aantal van de oude Chinese pagodes. De Giac Lampagode, de oudste van de stad, is een van de belangrijkste bezienswaardigheden. Door wolken van wierook heen zie je hier biddende mensen en levensgrote beelden van demonen. In dit gedeelte van de stad zitten veel straatjes volgepropt met kleine marktjes, waar je de gekste dingen kunt krijgen: tientallen soorten eieren in vele kleuren, sommige pikzwart, allerlei soorten snoep en stroopwaren, gefrituurde hapjes en gigantische slagersmessen trekken hier je aandacht. Ho Chi Minh City heeft verder veel musea, koloniale gebouwen en kerken. Interessant zijn het Museum van Amerikaanse Oorlogsmisdaden en het Historisch Museum. In de stad zijn ook nog koloniale panden bewaard gebleven. Een mooi voorbeeld daarvan is het oude stadhuis. Het is tevens mogelijk om een facultatieve excursie te maken naar Tay Ninh en de Cu Chi-tunnels. Tay Ninh is het centrum van de Vietnamese religie Cao Dai. Deze godsdienst werd in 1926 officieel gesticht en is een synthese van boeddhisme, confucianisme, taoïsme en christendom. Het is een uniek geloof, dat alleen in Vietnam voorkomt. In de bombastische kathedraal vinden gebedsdiensten plaats volgens een strikt ritueel en meestal kun je een mis bijwonen. Het tunnelcomplex van Cu Chi werd in de jaren veertig door de Vietminh gebouwd om de Franse overheersers en de Japanse bezetters te bestrijden. Later gebruikten de guerillastrijders van de Vietcong dit honderden kilometers lange netwerk van tunnels als basis voor verrassingsaanvallen op de Amerikanen. Nog steeds kun je zien je hoe vernuftig dit complex in elkaar zit, en hoe goed de toegangen verborgen zijn. Saigon Hotel: http://www.newyorkhotel.com.kh/ http://www.wcities.com/en/record/32,298254/271/record.html http://angkorjourney.asievoyage.org/newyork.html

Vanuit Saigon Cu Chi bezocht waar we een rondleiding hebben gehad door een deel van het tunnelcomplex dat de Vietcong gebruikte in de Vietnamoorlog. Zeer indrukwekkend, vooral het overzicht van de (dodelijke) booby-traps die de Vietcong gebruikte om de Amerikanen te treffen. Daarna naar de hoofdzetel van de Cao Dai sekte. Dit is een geloof dat bestaat sinds 1926 en enkel in Vietnam voorkomt. Er zijn zo'n 2 tot 3 miljoen gelovigen. Het is een mengeling van Taoïsme, Confucianisme, Islam, Boeddhisme en Katholicisme. Er was een dienst aan de gang waar we en tijdje konden kijken. Wel kleurrijk en interessant om te zien.

Op de weg van Saigon naar de Cambodjaanse grens zijn we gestopt om koffie te drinken in het restaurant van de familie van Kim Phuc. Zij is het meisje van de wereldberoemde World Press-foto. Zij is het huilende meisje dat naakt, met gespreide armen, helemaal verbrand door de Amerikaanse napalmbommen op de fotograaf afloopt.
We hebben daar nog naar een Amerikaanse documentaire gekeken over hoe het Kim Phuc daarna vergaan is. Om stil van te worden.

Dag 21 Phnom Penh, vrije dag Vandaag heb je volop de tijd om, individueel of met een stadstour, Phnom Penh goed te zien. Phnom Penh is een stad met een zeer aparte sfeer. Er heerst een levendige drukte en enkele bezienswaardigheden zijn zeer de moeite waard, zoals het paleis van koning Sihanouk. Veel wegen zijn hier nog ongeasfalteerd, wat de stad soms een stoffig aanzien geeft. In de straten zie je weinig toeristen, wèl buitenlanders die hier werken, bijvoorbeeld voor een van de vele hulporganisaties die hier actief zijn of voor een buitenlandse investeerder. Dit alles geeft je een ‘pioniersgevoel’, en het is dan ook een buitengewoon interessante stad om nu te bezoeken. In Phnom Penh zijn ook twee plaatsen te zien die herinneren aan de Rode Khmerperiode: Iets buiten de stad, bereikbaar met een brommertje, liggen de ‘Killing Fields’. Op deze beladen plaats is een monument neergezet ter herdenking van de vele slachtoffers die het regime heeft gemaakt. In de stad zelf kun je de Tuol Sleng gevangenis bekijken, die is ingericht als museum. Een bezoek aan deze gevangenis zal diepe indruk op je maken, maar is geestelijk zwaar. Om je indrukken te verwerken kun je tegen schemertijd een plekje zoeken in de ‘Foreign Correspondent’s Club’, een prachtig koloniaal gebouw aan de rivier. Dit is dè verzamelplaats voor buitenlandse journalisten, maar de club is voor iedereen opengesteld. Vanuit een open veranda kun je hier met een glaasje wijn of pastis uitkijken over de rode schemering boven de rivier, of een krantje lezen.

Vandaag in Phnom Penh rondgekeken. Eerst naar het koninklijk paleis: erg mooi, en hele verzameling verschillende gebouwen, veel goud.

Daarna na de Wat Phnom, de tempel die de stad zijn naam heeft gegeven. Het was vandaag een speciale dag voor boeddhisten en het was erg druk bij de Wat. Leuk om te zien.

Het volgende programma-onderdeel was minder leuk om te zien: het Tuol Sleng genocide museum: Deze voormalige school is onder de Rode Khmer in de jaren 1975-1979 tot gevangenis omgevormd en hier zijn de verschrikkelijkste dingen gebeurt. Van alle gevangenen die hier vermoord zijn is voor hun terechtstelling een foto gemaakt. Van een selectie van deze foto's is en tentoonstelling gemaakt. Zeer indrukwekkend. Na afloop in de bus maakte iemand de opmerking 'alsof je van een begrafenis terugkomt'. En dat omschrijft het wel zo'n beetje.

Daarna nog naar de 'Killing Fields' zo'n 15 km buiten de stad. De gevangenen werden vanuit de gevangenis hiernaartoe gebracht en na een klap in de nek met een bamboeknuppel in een massagraf gedumpt (een kogel verspillen was niet aan de orde). Baby's en kinderen werden bij de beentjes gepakt en met hun hoofd tegen een boomstam geslagen. Je hart draait een slag om. En dan te bedenken dat het mensen van onze leeftijd zijn die dit allemaal hebben meegemaakt.

Morgen gaan we naar Siem Reap. Daar zal Angkor Wat een wat positiever einde aan onze vakantie brengen. De voorgaande dagen horen erbij. Het maakt deel uit van de recente geschiedenis en je kunt je ogen niet sluiten voor wat de mensen hier hebben meegemaakt de laatste decennia. Maar het beeld is nu wel compleet.

24 juli 2006

Vientiane - Hue

De schuin gedrukte tekst is uit de reisbeschrijving van Baobab, de overige tekst onze eigen ervaringen.

Dag 11 Vientiane – Lak Xao Vandaag vertrek je vroeg uit Vientiane en rijd je in zuidelijke richting naar het stadje Lak Xao, aan de rand van het Khammouan karstgebergte, dicht bij de Vietnamese grens. Onderweg zul je regelmatig stoppen om van de omgeving te genieten. De omgeving hier is schitterend: hoge, met bomen en struiken begroeide karstbergen rijzen in grillige vormen op uit het landschap. Aan het begin van de middag kom je aan in Lak Xao. Het plaatsje ligt in het achterland van Laos en is nog niet ontdekt door het toerisme. Het is nog zeer oorspronkelijk en heeft een grote markt waar van alles te zien en te koop is.

Lak Xao was dus helemaal niks: slechts een ingeslapen stadje waar we op doorreis hebben overnacht. We waren het er allemaal over eens dat dit hotel met stip het slechtste was dat we tot dusverre zijn tegenkomen (die waren immers nog niet zo slecht). vochtige, klamme kamer, een douche die het niet deed, kakkerlakken, en lakens van dubieuze hygienische kwaliteit waren enkele van de klachten die we hebben gehoord. Onderweg naar Lak Xao nog wel een hele mooie tempel gezien. En het landschap was ook wel mooi. Verder de hele dag regen. Beter nu we in de bus zitten dan wanneer we een vrije dag hebben.

Dag 12 Lak Xao - Dong Hoi (Vietnam) Je staat vandaag vroeg op en steekt de grens met Vietnam over. Je eerste reisdoel in dit land is het stadje Dong Hoi. Dong Hoi ligt aan de kust, evenals het hotel, zodat je na aankomst vast een duik in zee kunt nemen en ‘s avonds veel zeevoedsel op de menukaart zult zien staan: een duidelijk teken dat je het binnenland hebt verlaten. Phong Nha Hotel (http://www.vietnamhotels.biz/phongnha/index.htm)

's Ochtends de Laotiaans-Vietnamese grens overgestoken. Dat kostte ruim een uur (valt nog wel mee). En daar stond voor ons een super-de-luxe ruime touringcar klaar die ons de volgende dagen naar onze bestemmingen in Vietnam zal brengen. Geweldig.
Het Phong Nha hotel in Dong Hoi is na het hotel in Lak Xao het slechtste dat we hebben gehad. Als groep dan, want wij hadden hier een geweldige kamer: een suite met een zitje met 6!! fauteuils, grote ruime bedden, schoon, prachtige badkamer, heerlijke douche. Maar anderen van onze groep hebben het minder getroffen. Kakkerlakken is ook hier weer een veel gehoorde klacht. Het is ook zo' n communistisch hotel waar het personeel geen enkel initiatief toont.
We hebben al wel ontdekt dat Carina wat eten betreft in Vietnam goed aan haar trekken zal komen: veel vis. Maar niet gevreesd, ik zal ook echt niet van honger omkomen.
Bussen mogen in Vietnam maar heel langzaam rijden: binnen de bebouwde kom 30 km/u, daarbuiten 50 km/u. Ondanks dat onze chauffeur heel keurig rijdt heeft hij al twee bekeuringen gehad. Een van zo'n $100 (meer dan een maandloon!! En hij kan nooit meer dan een km of 5 te hard hebben gereden!!), en daarna nog een keer eentje van $30.


Dag 13 Dong Hoi - Hue Onze eigen bus brengt je vandaag naar de oude keizerlijke hoofdstad Hue. Voordat je Hue bereikt, maak je een stop bij het dorpje Son Trach, waar je de Phong Nha grotten kunt bezoeken. Dit grottenstelsel is het grootste van Vietnam. De gangenstelsels tellen tientallen kilometers en zijn nog steeds niet allemaal geëxploreerd. Letterlijk betekent Phong Nha ‘grot van tanden en wind’, waarbij de tanden refereren aan de miljoenen jaren oude stalagmieten en stalactieten die de ingang van de grot sierden, maar door de Amerikanen zijn verwoest. Tijdens de Vietnamoorlog gebruikte de Vietcong deze grot namelijk als wapendepot. Je kunt de grotten uiteraard binnengaan onder leiding van een gids. Je arriveert aan het einde van de middag in de oude keizerlijke hoofdstad Hue, en kunt alvast de stad in gaan. Zo kun je rondkijken op de markt, of de kathedraal en een van de vele tempels bezoeken. Duy Tan Hotel: http://www.vietnamhotels.biz/duytanhotel/index.htm
http://www.hotels-in-vietnam.com/hotels/Hue/duytan_hotel.html
http://www.hoteltravel.com/vietnam/hue/duytan.htm

We hebben met zes mensen van de groep de excursie naar de grotten van Phong Na gemaakt. Die waren alleszins de moeite waard: enorme grotten, zo'n zeven kilometer diep (we zijn tot ongeveer 700 m. gevaren), heel hoog met stalagtieten en stalagmieten (ezelsbruggetje: tieten hangen en mieten staan). Ook het boottochtje ernaar toe was leuk. Erg veel Vietnamezen ook: het was zondag en de grotten bleken een geliefd uitje te zijn.
Rond 12.00 waren we terug in het hotel, werd de bagage van de rest ingeladen en toen meteen op weg naar Hue. Daar waren we rond een uur of zes. Hier een prima hotel.
Opvallend langs de weg zijn het grote aantal begraafplaatsen.

Dag 14 Hue, vrije dag Van 1802 tot 1945 was Hue de residentie van de Nguyen-dynastie. De belangrijkste bezienswaardigheid van Hue is de ‘Verboden Purperen Stad’, de verlaten, ommuurde keizerstad van de Nguyen-dynastie tijdens het vroegere Indochina. Tijdens het grote Tet-offensief van de Noord-Vietnamezen en de Vietcong in 1968 werden grote delen ernstig beschadigd. Desondanks is het complex, waarvan enkele delen weer zijn hersteld, zeer het bezichtigen waard. In de omgeving van Hue bevinden zich de graftombes van de keizers uit de Nguyen-dynastie. Je kunt een boottocht maken over de ‘Welriekende Rivier’ om de beroemde Thien Mu-pagode en enkele van de prachtig gelegen keizersgraven te bekijken.

's Ochtends weer vroeg uit de veren 07.00 uur. We maken met de hele groep een excursie naar een aantal keizerlijke graftombes net buiten Hue. Met een bootje over de Parfum-rivier ernaar toe: lekker relaxed. Wel erg warm: 36 graden (in de zon). In de schaduw meet mijn horloge zo'n 2 a 3 graden koeler.
Na de middag even een broodje gegeten en toen de Citadel bezocht: dit is een soort verkleinde versie van de Verboden Stad in Peking. Wel moet er nog veel aan gerestaureerd worden: het ziet er wat vervallen uit. Maar nu het op de Unesco Werelderfgoed lijst staat zal er wel wat geld beschikbaar komen voor restauratie.
Hue is de eerste echt grote stad die we in Vietnam bezoeken. Erg druk, heeeel veeeel scootertjes en brommers. De mensen zijn tot dusverre erg vriendelijk.
Volgende keer meer. Ik zal er dan ook wat foto's bijzetten. Het uploaden duurt nogal lang en ik zit nu al een tijdje achter het beeldscherm en ben het een beetje zat.
Groetjes,

20 juli 2006

Luang Prabang - Vientiane

Dag 8 Luang Prabang - Vlakte der Kruiken
’s Morgens begin je aan je reis naar Vang Vieng. De weg kronkelt zich door de bergen, waarbij je regelmatig kunt genieten van prachtige vergezichten. Aan het einde van de middag kom je aan in het plaatsje Phonsavan, dat vlakbij de Vlakte der Kruiken ligt. Er leven in Phonsavan veel Vietnamezen. Op de markt zijn veel producten uit Vietnam te koop en op straat hoor je regelmatig de Vietnamese taal. Ook is er een levendige markt in schrootijzer, afkomstig van de grote hoeveelhei
d bommen en ander oorlogstuig dat hier tijdens de oorlogen in het recente verleden is achtergebleven. Bomhulzen worden nu gebruikt als plantenbakken, om er huizen mee te bouwen en voor nog legio andere doeleinden.

Om half zes opgestaan om de rondgang van de monniken door de stad de zien om voedsel op te halen bij de bevolking. In een lange rij maken ze een ronde door de stad waarbij mensen langs de kant zitten die voedsel geven. De monniken hebben daarvoor een speciale pot bij zich die ze om hebben hangen in een geweven of gevlochten koord (sommigen hadden er een van leer). Is wel een leuk gezicht dat lange lint oranje kleden. Dat ze door de regen allemaal een paraplu bij zich hadden maakt het plaatje nog leuker.

De hele dag regen! Niet een echte stortbui, maar de hele dag gestaag doorregenen, zodat je er goed nat van wordt. We zaten gelukkig het grootste deel van de dag in de bus.
Wel een mooie rit. Onderweg veel dorpjes langs de weg. De weg slingerde zich over een bergketen heen (zo'n 16oo m. hoog - we kwamen van ca. 500) en toen weer naar beneden tot zo'n 1200 m. Eigenaardig hotel in een vreemde stad. Maar onze kamer was wel aardig. In ieder geval ruim voldoende voor een nacht.

Dag 9 Vlakte der Kruiken, vrije ochtend - vlucht naar Vientiane
Vanochtend kun je de grote stenen kruiken in de omgeving van Phonsavan bezoeken. Deze zijn gemakkelijk te bereiken vanuit Phonsavan. De Vlakte der Kruiken is uniek en een van de meest bijzondere bezienswaardigheden van Laos. Op verschillende plekken in een heuvelachtig, kaal landschap liggen groepen kruiken in allerlei formaten bijeen. Sommige zijn wel twee meter hoog! Over de herkomst en het gebruik van de kruiken is weinig bekend. Ze zijn gemaakt van een steensoort die hier niet voorkomt, wat hun aanwezigheid extra mysterieus maakt. Men schat dat ze wel zo’n 2000 jaar oud zijn. Sommige onderzoekers denken dat er doden in werden begraven, anderen denken dat het voorraadkruiken voor rijst waren, of zelfs wijnvaten. Er zijn drie belangrijke vindplaatsen in de directe omgeving van Phonsavan; de reisbegeleider biedt hier een facultatieve excursie naar toe aan. De tijden van de binnenlandse vlucht veranderen regelmatig, maar normaliter vlieg je in de loop van de middag naar Vientiane, de hoofdstad van Laos.


De volgende dag 2 sites van de Vlakte der Kruiken bezocht (het regende nog steeds). De Vlakte der Kruiken viel ons wat tegen. We zijn op twee van de drie sites geweest. Ze lagen daar wel mooi in het landschap, maar de kruiken op zich waren niet echt spectaculair. Komt misschien ook wel een beetje door de regen.
Daarna met een vliegtuig met 2 propellors in een half uurtje naar Vientiane, de hoofdstad van Laos, dichtbij de grens met Thailand en liggend aan de Mekong.

B&P Hotel http://www.visit-mekong.com/b-and-p-hotel/ http://www.orientxtreme.com/laos/hotels/bp/bandp.php

Dag 10 Vientiane, vrije dag
Voor een hoofdstad is Vientiane heerlijk rustig. Veel verkeer is er niet. De oude wijken van de stad zijn, met hun tempels en koloniale gebouwen, zeer sfeervol. Langs de Mekong ligt een met bomen omzoomde boulevard, waar je samen met de lokale bevolking kunt flaneren. In Vientiane zijn veel oude tempels en pagodes te bezichtigen, zoals de Wat Si Muang, de Wat Si Saket en de That Luang. Deuren en muren zijn vaak rijk gedecoreerd met figuren en afbeeldingen, en goud speelt bij veel tempels een hoofdrol bij deze decoraties. Opmerkelijk is ook de Pratuxai, een Laotiaanse versie van de Arc de Triomphe in Parijs. Om een beetje inzicht te krijgen in de moderne (communistische) geschiedenis van Laos kun je het Museum van de Revolutie bezoeken.


Lekker uitgeslapen (acht uur op), wasgoed afgegeven en op ons gemakkie ontbijten. In de Lonely Planet staat een wandeling door de stad waarbij de belangrijkste bezienswaardigheden worden aangedaan. We zien op deze manier de ene Wat (is boeddhistische tempel) na de andere. Ook nog 2 kleine museumpjes gezien. Over een zeer grote overdekte markt wat rondgezworven, wat gedronken, wat gegeten en veel mensen zitten bekijken. Een van de bekendste bouwwerken van Vientiane is een soort Arc de Triomphe, maar dan aan de lokale stijl aangepast. Rene is er nog bovenop geweest. Je krijgt wel een aardig beeld van Vientiane, maar omdat echt opvallende herkenningspunten ontbreken is het niet echt spectaculair. Daarna doorgewandeld naar het belangrijkste monument van Laos: de That Luang, een grote, vergulde stupa.
Conclusie tot nu toe: de Laotianen zijn zeer vriendelijk en behulpzaam, ook absoluut niet opdringerig. Uit de verhalen die we van Marije hadden gehoord hebben we ons op het ergste voorbereid. Maar het is ons alleszins meegevallen. De hotels zijn zeer behoorlijk, het eten is heerlijk, ook voor Carina, want als je het pittig wilt hebben kun je zelf allerlei sausjes en pepertjes toevoegen. Ook vinden wij Laos opvallend schoon. Bijna geen zwerfvuil op straat en met name de openbare toiletten zijn heel acceptabel. Dat hebben we wel anders meegemaakt!
Morgen vervolgen we onze reis naar de Vietnamese grens.

Wordt vervolgd.

16 juli 2006

Veldhoven - Luang Prabang

De schuin gedrukte tekst is uit de reisbeschrijving van Baobab, de overige tekst onze eigen ervaringen.

Dag 1 Vertrek uit Nederland
Je vliegt via Singapore naar Chiang Mai.

De vlucht is voorspoedig verlopen: op tijd vertrokken, op tijd gearriveerd, comfortabele vlucht. Iedereen had in de hoofdsteun van de stoel voor zich een LCD-scherm waar je je eigen video-films, tv-programma's, audio-cd's en computerspelletjes kon selecteren.
De stewardessen kwamen zo'n beetje elk kwartier langs met drinken. Zo vaak hebben we nog niet eerder meegemaakt.

Dag 2 Aankomst Chiang Mai (Thailand)
Na aankomst in de noord-Thaise stad Chiang Mai word je door de reisbegeleider opgehaald en naar het hotel gebracht. De rest van de dag heb je vrij om deze fascinerende stad te ontdekken. Chiang Mai is de op twee na grootste stad van Thailand, en is in de winter geliefd om zijn aantrekkelijke koele klimaat, talrijke prachtige boeddhistische tempels en levendige avondmarkt. De ommuurde binnenstad telt meer dan 300 tempels, waaronder enkele zeer bijzondere zoals Wat Phra Singh en Wat Suan Dok. Je kunt de stad te voet verkennen, maar de liefhebbers kunnen hier een fiets huren – een absolute aanrader, want het is de beste manier om de stad en de omgeving te verkennen en bovendien in contact te komen met de Thai. Naast de beroemde nachtmarkt met zijn enorme aanbod aan handwerkproducten en souvenirs, zijn hier ook leuke lokale markten zoals de Warorot-markt waar onder meer allerlei soorten bloemen verkocht worden. Op je eerste avond in Thailand kun je rondwandelen over de nachtmarkt, waar je veel stalletjes vindt met bekende, maar ook onbekende etenswaren, zoals torren, sprinkhanen, rivierslakken enzovoorts. Gelukkig zijn er ook veel stalletjes en restaurants rondom de nachtmarkt waar je op het menu beter eetbare gerechten aantreft. Maak kennis met het onovertroffen Thaise eten! In de Thaise keuken worden veel verse ingrediënten gebruikt als chilipepers, kokosmelk, citroengras en koriander. Hoewel het eten soms heel heet is, zul je er snel verslingert aan raken.

Hotel (Ban Kaew) was goed, aan de rand van het oude centrum van Chiang Mai. We hebben hier wat op ons gemak rondgekeken. We waren hier enkele jaren geleden al een dag of 5. We hoeften ons dus niet te haasten om zoveel mogelijk te zien. 's Avonds op tijd naar bed, want de volgende dag moeten we er weer om zes uur uit.
De groep heeft weer een hoog lerarengehalte. Wel gezellig.

Dag 3 Chiang Mai - Chiang Khong, via de Gouden Driehoek
In de bergen bij Chiang Mai vind je een fascinerend palet aan stammen, die hun eigen gebruiken en kleding gehandhaafd hebben. Vaak is deze zeer kleurrijk en dragen de vrouwen prachtige sieraden. Vandaar dat je onderweg een stop maakt bij een dorp van een van deze stammen, de H’mong. De H’mong zijn een minderheid in dit gebied. De vrouwen dragen indigogekleurde rokken versierd met borduurwerk. Ze komen oorspronkelijk uit China, maar zijn door de Han-Chinezen naar het zuiden gedreven. Voordat je naar de grens met Laos reist, rijd je eerst door de Gouden Driehoek. Na het bezoek aan de H’Mong rijd je door naar het plaatsje Sop Ruak. Hier komt de grenzen van Thailand, Laos en Birma samen en dit is dan ook de eigenlijke ‘Gouden Driehoek’. Je kunt hier het kleine maar interessante opium museum bezoeken. Via Chiang Saen, waar de Mekong langs stroomt en je een mooie tempel kunt bezoeken, rijd je naar Chiang Khong, waar je overnacht, voordat je morgen de oversteek naar Laos maakt. Het hotel is schitterend gelegen, met een prachtig uitzicht over de Mekong.
Sopaphan Resort (
http://www.travelfish.org/accommodation_profile/thailand/northern_thailand/chiang_rai/chiang_khong/6/1767/13?ord=0)

Een lange reisdag. In drie mini-busjes zijn we naar het noorden naar de grens met Laos gereden: de beruchte Gouden Driehoek. We zijn op het drielandenpunt van Laos, Myanmar en Thailand geweest. Daar was wel een mooi uitzicht over de drie landen met de Mekong die daar als grens tussendoor stroomt. Ook nog even het Opiummuseum bezocht, want aan opium ontkom je niet in deze regio. Was wel aardig (niet spectaculair). 's Avonds een heel leuk hotel met uitzicht over de rivier. Veel donker hout (teak?), zeer sfeervol. Schoenen moesten bij de ingang blijven! Heerlijk gegeten. De bazin zelf heeft voor ons gekookt.

Dag 4-5 Chiang Khong - Luang Prabang (Laos)
Je steekt de rivier over naar Laos, waar je je visum koopt (US$ 30). Het traject van Chiang Khong naar Luang Prabang is het mooiste deel van de Mekong rivier. Deze slingert zich in een diepe vallei tussen dichtbeboste, hoge bergen langs de grens met Laos en buigt daarna af naar het binnenland. Om volop te kunnen genieten van het schitterende landschap maken we deze reis met een eigen zogenaamde ‘slowboat’, een lange, smalle handelsboot. Deze vaart overigens niet echt langzaam, maar de naam dient ter onderscheid t.o.v. de speedboten die je af en toe voorbij razen en we vanwege de geluidsoverlast en veiligheidsredenen niet (meer) gebruiken. Vanuit de boot heb je een perfect uitzicht over de rivier en zijn omgeving. ’s Morgens hangt er regelmatig een dikke mist over de rivier, waar langzaam de contouren van de bergen zichtbaar worden en opeens de zon doorbreekt en een prachtig panorama zich voor je ontvouwt. Je stopt aan het einde van de middag in het dorpje Muang Pakbeng, waar je in een eenvoudig guesthouse overnacht en je kunt gaan eten in een van de kleine restaurants. Je ziet hier regelmatig bergstammen die met hun handelswaar hier naar toe komen, die verder over het water wordt aan- en afgevoerd. De volgende ochtend vertrek je voor het tweede deel van de tocht naar Luang Prabang. Aan het begin van de middag stop je bij de schilderachtig gelegen Pak Ou grotten, waar al sinds eeuwen boedha beelden zijn neergezet. Aan het einde van de middag kom je aan bij Luang Prabang en wordt je met een busje naar het hotel op loopafstand van het centrum gebracht.
Muang Pakbeng: Villa Salika (
http://www.travelfish.org/accommodation_profile/laos/northern_laos/udomxai/pakbeng/all/987/9?ord=0)

's ochtends te voet de naar de haven waar met met een drietal longboats over zijn gezet naar Laos. Ter plekke de visa geregeld, nog wat geld gewisseld en dan met de tuktuk naar een aanlegplaats waar onze boot voor de volgende twee dagen klaarlag.
Op de boot hebben we wat uitgebreider kunnen kennismaken met onze medereizigers. Lekker relaxed wat op de boot gehangen, enkele dorpjes van minderheden (Hmong en Kamu) en een dorpje van de hoogland-Lao bezocht. Er zaten toch nog wel wat verschillen tussen deze dorpjes.
Aan het eind van de eerste dag op de Mekong 's avonds in een dorpje langs de rivier geslapen. Gedineerd met uitzicht op de Mekong: leuk. De kamer was nogal klein, maar het was wel schoon en ook maar voor een dag.
Tegen het eind van de tweede dag op de Mekong hebben we nog een grot bezocht waar veel boeddha-beelden stonden. Wel aardig.
Rond een uur of zes kwamen we in de regen aan in Luang Prabang. Met de bus naar het hotel, korte briefing en 's avonds de stad in. Even over de nightmarket gelopen en daarna in een simpel restaurantje langs de Mekong gegeten met Frans en Kitty (uit Tegelen). Zij horen bij de minderheid in de groep van niet-Brabanders.

Luang Prabang: Rama Hotel (http://www.travelfish.org/accommodation_profile/laos/northern_laos/luang_prabang/luang_prabang/all/866/17?ord=0)

Dag 6-7 Luang Prabang, vrije dagen
Luang Prabang is prachtig gelegen aan de samenvloeiing van de Mekong rivier en de zijrivier de Khan. Het is een romantische stad, die wel als een van de prettigste van Azië wordt ervaren. De sfeer is authentiek en dorpsachtig, en je kunt alles hier te voet ontdekken. Vandaar dat je twee volle dagen de tijd hebt, zodat je niet alleen alles kunt zien maar ook de tijd hebt om van de sfeer te genieten. Terecht is Luang Prabang door de UNESCO tot ‘World Heritage Site’ verklaard. In 1353 werd het de hoofdstad van het verenigde Laos, dat toen ‘Lane Xang’ (rijk van de miljoen olifanten) werd genoemd. Aan bezienswaardigheden hier geen tekort: Er staan veel oude, gave tempels. Deze tempels zijn antiek en stammen nog van voor de Franse koloniale tijd. Ook kun je het voormalig Koninklijk Paleis bezoeken, dat nu een museum is. Het heerlijkste is het om ontspannen rond te wandelen, zo ontdek je de bezienswaardigheden vanzelf één voor één. Daarbij is ook een bezoek aan de drukke Dalamarkt de moeite waard. Je kunt ook een tuk-tuk, de typerende brommertaxi, inhuren en naar de Khouang Sy watervallen gaan. De rit voert langs dorpjes en rijstvelden naar een mooi parkachtig gebied, waar je een mooie wandeling kunt maken naar de watervallen. ‘s Avonds kun je je op een van de vele terrassen aan de oever van de Mekong zetten en de tropenzon achter het water zien wegzakken.

Vanochtend een beetje uitgeslapen (pas om zeven uur op). Toen naar het Royal Palace Museum geweest. Een niet zo groot maar wel mooi museum. Ook hier weer: schoenen bij de ingang. Het paleis was eigendom van de laatste koning van Laos (eind jaren negentig van de vorige eeuw overleden).
Daarna met Erik en Christel (uit Weert), die deze reis als huwelijksreis maken, een aantal Wats (boeddhistische tempels) bezocht.
We proberen jullie allemaal up-to-date te houden en gaan in Vientiane wel weer eens op computerjacht. O ja, bijna vergeten te zeggen, we zijn nog fit en gezond!

29 juni 2006

De voorbereiding


Een vakantiereis begint met de voorbereiding. Daarom willen we ook dit weblog beginnen met de voorbereiding. Op Google Pages heb ik een pagina gemaakt waar ik verslag heb gedaan van de voorbereidingen voor onze reis naar Thailand-Laos-Vietnam-Cambodja in juli 2006.
Tijdens de reis gaan we proberen op dit weblog verslag te doen van onze reis.

De dag voor vertrek: de rugzakken moeten worden gepakt: EN DIT MOET ALLEMAAL MEE!!

Maar wees niet bang: dat lukt zonder al te veel kunstgrepen. In zo'n rugzak van resp. 55 en 65 liter gaat toch wel heel veel bagage.

Morgenvroeg tussen 07.00 en 07.30 met de bus, tegen achten de trein halen en dan staat het vertrek van het vliegtuig gepland om 11.50.

De reis kan beginnen.